Herinnering aan de Hongerwinter

wormer

De serie Oorlogsjaren van het Noordhollands Dagblad, waarin lezers hun herinneringen aan de oorlogsjaren vertellen, gaat deze week over de hongerwinter van 1944-1945. Onder meer staat in deze aflevering de volgende bijdrage van A. Kemp uit Wormer.

'Ze had maar één tulpenbol gegeten'

Het was november 1944, het begin van de hongerwinter. Mijn tweelingbroer en ik, allebei net zestien jaar oud, gingen twee keer per week een paar flessen melk halen bij de familie Eissen in de West-Beemster. We gingen samen, omdat we bij aankomst ook een paar boterhammen met spek kregen. Op moeders fiets en een oude transportfiets gingen we op weg. Toen we bij Oost-Knollendam van het veer kwamen, werden we aangesproken door een keurig gekleed meisje van zo'n zeventien jaar oud. Ze vroeg of ze mee mocht rijden op de voordrager van de transportfiets. Ze vertelde dat ze die ochtend om zes uur uit Haarlem was vertrokken om naar een plaats boven Hoorn te gaan. Daar zou ze een tijdje bij familie gaan wonen om aan te sterken. Die ochtend had ze maar één gekookte tulpenbol gegeten, vertelde ze. Meer voedsel was er niet. Eén tulpenbol! Dat was voor ons niet voor te stellen. En dan zo'n lange voettocht maken! We zagen ook wel dat ze heel vermoeid en verzwakt was. We hielpen haar op de voordrager omdat ze daar zelf niet toe in staat was. Toen we eenmaal reden, werd ze helemaal slap. Ze bungelde heen en weer en was niet in staat zich in vast te houden. Ik had de grootste moeite met fietsen en heb haar met één hand vastgehouden tot het veer bij Spijkerboor. Op het pont trok ze haar schoenen uit. Het bloed stond erin van de kapotte blaren. Ze leek ondertussen wat te zijn bijgekomen van de lift. Bij de Wormerweg in de Beemster zei ze dat het wel weer ging en vervolgde ze haar tocht En wij gingen verder naar de boerderij en kregen onze melk en spekboterhammen. We zijn dat meisje nooit vergeten.

Meer nieuws uit NHD

Ombudsteam

Ons Ombudsteam springt in de bres voor de consument.