Het einde van de zomer

Wim van der Wijk

De zomer was voorbij, voorgoed voorbij toen halverwege de week een kerk aan de Prinsengracht in Amsterdam volstroomde om de dode schrijver te gedenken. Druipende paraplu's en verregende schrijvers in de vestibule.

Op een boekenbal, waar tenminste geschonken wordt, zijn ze nog wel te verdragen, de schrijvers en hun critici, maar zo overdag, in grote aantallen onder schraal licht en zonder drank bij de hand, was het eigenlijk niet te doen.

Groot verlangen om naar Argentinië te vluchten en me in het oerwoud van Misiones te wijden aan korte verhalen over liefde, waanzin en dood, zoals Horacio Quiroga deed, wiens biografie vermeldt dat zijn leven was doortrokken van fatale ongelukken en zelfmoorden. Citaat: 'Luttele maanden na zijn geboorte overlijdt zijn vader bij een jachtongeluk. Wanneer hij zestien is, ziet hij zijn verlamde stiefvader bijna voor zijn ogen zelfmoord plegen.

Bij de voorbereiding van een duel doodt hij per ongeluk zijn beste vriend. Zijn eerste vrouw berooft zichzelf van het leven. Zijn tweede vrouw laat het zover niet komen en verlaat hem. Niet lang daarna neemt Quiroga een dodelijke hoeveelheid cyanide in.'

Ook vandaag gedenken we een zelfmoordenaar, een man die een donker pad tussen de bomen op ging waar geen licht meer doordrong, en uit het zicht van de wereld verdween.

Joost Zwagerman, memoreerde zijn voormalige redactrice, moest vooral worden afgeremd - alles wat hij inleverde was altijd te veel en te vol. Ze kon eigenlijk geen aardig woord voor hem opbrengen. Ze typeerde hem als een manische figuur met een cijferfetisj, die zonder haar harde hand geen behoorlijk boek had geproduceerd; je had je vingers in je oren willen stoppen om je goede herinneringen aan de dode niet te laten bederven.

Er ontstond wat rumoer toen een verwarde man met zijn hond door het middenpad aankwam, en minutenlang voor de kist knielde. Zijn naam werd gefluisterd in de kerkbanken, Paul Blanca, een door harddrugs verwoeste fotograaf; wat hij aan tanden verloor had hij aan tatoeages gewonnen. Hij nam zelfs het woord, meest onverstaanbaar, maar te horen was wel dat hij Zwagerman soms 'Koos' noemde, en ook dat hij, Paul Blanca, in 'Gimmick!'  was geportretteerd als de fotograaf Moreno -  en zo kreeg de bijeenkomst alsnog de rock 'n roll waar literaten zo weinig talent voor hebben.

Tot ons geluk las ook nog dichter Pieter Boskma voor, woorden die iedereen wel boven zijn advertentie wil hebben. 'Vanuit de dood heb ik gezien / hoe schitterend het minste sprietje in een onmetelijk weiland / dezelfde taak heeft als de mens: / zich te richten naar het licht / en 's nachts de duisternis / te dulden en niet bang te zijn.'

Meer nieuws uit frontpage

Ombudsteam

Ons Ombudsteam springt in de bres voor de consument.