Wandelen tussen de Texelse tuunwallen

De redacteuren van het Noordhollands Dagblad verkennen hun omgeving graag te voet. In de wandelrubriek Buitenom beschrijven zij hun favoriete routes. Dit is aflevering 53. Een mooie zondagmiddag in februari is een prima moment voor een wandeling over het oudste deel van Texel, het Hoge-Berggebied. Een glooiend landschap vol tuinwallen, kolken en boeten.

Als je vlak voor Den Burg, bij de rotonde het schelpenpaadje inloopt, is de toon meteen gezet: dit is een on-Nederlands landschap. Het glooiende Hoge-Berggebied dat zich voor je uitstrekt, doet een beetje denken aan Zuid-Limburg. En dat is niet voor niets: de hoogteverschillen in beide landschappen werden in de IJstijd gevormd door smeltende gletsjers. Het hoogste punt is de Hoge Berg, 15 meter boven NAP.

Het hobbelige paadje wordt omzoomd door ’tuinwallen’, van plaggen gemaakte perceelafscheidingen die alleen op Texel voorkomen. In vroeger eeuwen slim bedacht door Texelse boeren. Tegenwoordig worden de tuinwallen beschermd. Ze zorgen voor een uniek cultuurlandschap. En hun door regen uitgespoelde grond is een ideaal leefmilieu voor zeldzame planten en dieren. Daarvoor moet je eigenlijk nog een keer terugkomen in de lente of zomer, om te genieten van de wilde hyacinten, grasklokjes en zoemende zandbijen.

Het pad leidt meteen langs een asymmetrisch gevormde schuur, weer zo’n typisch Texels bedenksel. Overal in het landschap zie je ze staan: schapenboeten. Ze hebben een rechte voorgevel en een schuine achterkant, die altijd is gericht naar het westen, de op Texel overheersende windrichting.

Schapen zijn er ook. Texel telt meer schapen dan mensen en nergens zie je er zoveel als hier. Als we via de Haffelderweg, de Leemkuil en het graspad naar het ’Russenkerkhof’ zijn ingeslagen, zien we een schaap op de rug liggen. Snel ingrijpen is hier geboden, want een verwenteld schaap dat niet meer overeind kan komen, gaat onherroepelijk dood, omdat de spijsvertering stil komt te liggen. Slalommend tussen de schapenkeutels bereiken we het benauwde dier. Even stevig in de vacht grijpen (wel uitkijken dat je niet getrapt kunt worden) en mevrouw staat weer op haar hoeven. Even later blijkt dat die schapenstront wel heel hardnekkig aan onze schoenen blijft zitten. Regenlaarzen waren toch een goed idee geweest, ook vanwege de soms modderige paadjes.

Het pad komt uit op de Georgische begraafplaats. De laatste rustplaats van 565 Georgiërs die aan het eind van de Tweede Wereldoorlog op Texel sneuvelden tijdens de opstand tegen de Duitsers die hen krijgsgevangen hielden.

Lopend over de Zuid Haffel en de Schansweg komen we bij het Doolhof, het bosje dat in de achttiende eeuw werd aangelegd op het hoogste punt van de Hoge Berg. Onder de oude eikenbomen hangt een bijzondere sfeer. We kunnen het niet laten om een slingertouw te grijpen dat aan een dikke tak hangt, en een sprong in de diepte te wagen.

Op het kruispunt slaan we rechtsaf het mooie Skillepaadje in. Huize Brakestein en de Wezenputten herinneren hier aan het roemruchte VOC-verleden van Texel. De waterputten leverden het water voor de verre reizen van de schepen die vooral in de zeventiende eeuw van de Texelse rede vertrokken. Beroemde admiraals als De Ruyter en Tromp bezochten Brakestein. Langs de Skilsloot lopen we naar het vissersdorpje Oudeschild.

Herberg De Zeven Provinciën, waar ooit Michiel Adriaenszoon de Ruyter overnachtte, heeft een speciale aanbieding voor de lezers van Zondags. Als u koffie gaat drinken in het restaurant, krijgt u daar op vertoon van dit artikel gratis een lekker stuk Hoornder ring bij, een echt Texelse koek.

Anja Roubos

Bus: Stap in Den Burg uit uit bij de VVV. Loop via de rotonde naar het schelpenpad. De route is 6 km lang. www.connexxion.nl

Meer nieuws uit frontpage

Ombudsteam

Ons Ombudsteam springt in de bres voor de consument.