’Man, man, man, hier word ik niet vrolijk van’, fulmineert Rob Geus, terwijl hij een vies gezicht trekt bij het zien van de beschimmelde kitranden in de badkamer | column

Finn Florijn in actie in de skiff na zijn serie roeien op de Sea Forest Waterway op de Olympische Spelen.

Finn Florijn in actie in de skiff na zijn serie roeien op de Sea Forest Waterway op de Olympische Spelen.© Foto ANP

Robert Toret

In ’Kleur bekennen’ licht een van de sportredacteuren een olympisch aspect uit.

Je zult je maar vijf jaar lang de blubber getraind hebben om te kunnen schitteren op de Spelen, je droom uiteen zien spatten omdat je op KLM-vlucht KL861 zat en je olympische avontuur eindigen in een aftands gebouwtje in downtown Tokio, in een hokje zonder daglicht. Je zult maar Finn Florijn, Reshmie Oogink, Candy Jacobs of Jean-Julien Rojer zijn.

Het is de nachtmerrie van elke olympiër: het quarantainehotel. „Dichter bij de gevangenis kom ik nooit meer”, twitterde ’ingezetene’ Simon Geschke. De Duitse wielrenner gaf een inkijkje in zijn ’vakantie-onderkomen’, waar hij tien dagen opgesloten zit:

„Elke ochtend om zeven uur word ik door een speaker aan het plafond gewekt om mijn temperatuur te meten. Mijn ramen zijn de hele dag gesloten en ik mag slechts drie keer per dag de kamer verlaten.”

’Onacceptabel’ noemde Maurits Hendriks, technisch directeur van NOC NSF, de omstandigheden. Ik zie voor me hoe een verstoten atleet in paniek de alarmlijn van Red mijn vakantie! belt. ’Man, man, man, hier word ik niet vrolijk van’, fulmineert Rob Geus, terwijl hij een vies gezicht trekt bij het zien van de beschimmelde kitranden in de badkamer. Met een UV-lamp speurt hij in het donker op de muren en het dunne, vergeelde matrasje naar oude lichaamssappen.

Dromen van heldenstatus, eindigen als paria: je moet erg stevig in je schoenen staan, wil je daar geen zware depressie aan overhouden. Gelukkig zijn topsporters mentaal ijzersterk. Nadat het nieuws over de positieve test van zoon Finn naar buiten komt, bel ik met oud-olympisch roeikampioen Ronald Florijn. „Hij is jong, zijn tijd komt nog wel. Hij wordt hier alleen maar sterker van”, klinkt het opvallend nuchter. Ineens voel ik: eens zal de jonge Leidenaar, net als zijn vader, als held onthaald worden op Schiphol met een glimmende plak om zijn nek. Zonder wrijving geen glans.

Meer nieuws uit Sport

Meest gelezen