Foto’s

Foto’s

Ze bekijkt de twee foto’s keer op keer en herhaalt telkens haar vraag: ’Van wie zijn dit dan de kinderen?’ Op de foto’s drie achterkleinzoontjes, waarvan eentje van nog geen drie maanden oud. Mijn moeder kijkt en kijkt en vraagt het nog maar eens: ’Dus dit is het broertje van die andere twee jongetjes?’

Het valt allemaal niet mee, voor mijn demente moeder. ’Heb ik echt twaalf achterkleinkinderen?’ ’En hoeveel daarvan zijn jongetjes, zei je?’ Ze zit in haar oude stoel in haar nieuwe kamer, de beschermde woonvorm is net verhuisd. Of ik de kaart met poezen al gezien heb of de foto van haar overleden zus. Opeens steekt een pijnlijke, heldere flard de kop op: de meester op de lagere school, die naast haar tafeltje staat en buurmeisje Lena liefdevol over haar krullen aait. ’Ik zat ernaast en bij mij deed hij niets. Dat voelde ik gewoon hier’ zegt ze, met haar hand kloppend op haar oude hart.

Net zo onverwacht is de flard weer verdwenen. Ze bekijkt aandachtig de nieuwe foto’s. Op de achterkant heb ik de namen van de jongetjes geschreven. Ze wijst naar de grote foto van mijn vader op het tafeltje naast haar. ’En hij, is hij ook al dood?’ Ik leg uit dat dit inderdaad het geval is. Met iets van wanhoop in haar stem zegt ze: ’Waarom weet ik dat dan niet?’ De nieuwe foto’s in haar handen zorgen voor afleiding: ’En wie zijn deze jongetjes dan?’

Wil je niks missen van Noordhollands Dagblad? Like ons dan op Facebook!

Het laatste nieuws