De verzakking van huizen in de Wilhelminastraat is niet voor 17 procent veroorzaakt door de grondafgravingen achter de huizen, maar voor 55 procent. Dat is de mening van ingenieursbureau DHV, dat een veel lager aandeel toeschrijft aan de slechte staat van de palen.
Bewoners van de Wilhelminastraat kwamen gisteren met een brief van DHV waarin dat staat naar het Zaanstad Beraad. De brief zette het debat dat de raadsfracties vervolgens voerden met het college behoorlijk op zijn kop. Sommige fracties wilden al dat Zaanstad de bewoners financieel meer biedt en zien de brief van DHV als steun. Burgemeester en wethouders willen niets over hun bijdrage zeggen omdat de rechter daar in kort geding over beslist. PvdA'er Rienk Spiekstra gaf aan 'wel te zien' op welk percentage het uitkomt en vond dat nu eigenlijk niet het belangrijkste. Pas aan het eind van vier uur vergaderen kwam burgemeester Geke Faber met een reactie van Deltares, de deskundige die de gemeente heeft ingeschakeld en die een gemeentelijk aandeel van 17 procent becijferde. Dat bureau zegt dat er van de berekening van DHV niets deugt. Het was verwarring alom, zodanig zelfs dat de vervolgvergadering van donderdag op losse schroeven kwam te staan. ,,Want waar praten we nu over?''
Het gaat de fracties vooral om twee zaken, namelijk de verantwoordelijkheid en de vraag hoe het nu verder moet. Die laatste vraag hebben de bewoners bij de rechter neergelegd en tot die uitspraak doet zijn B en W en de meeste fracties daar even klaar mee. Het einddoel is duidelijk, een straat met degelijke huizen, maar de weg daar naar toe is dat voorlopig even niet.
Meer in Dagblad Zaanstraak van 28 mei

